Richt je organisatie in als een skatepark, zo leer je te ‘surfen’ op veranderingen in complexe omgevingen

Covid heeft ook zo zijn voordelen. Zo gaf de pandemie mij de kans om een vergeten ​​hobby op te pakken: golfsurfen. Een vriend overtuigde me om weer het water op te gaan. Al bij de eerste golf die ik al peddelend nam, proefde ik direct dat sportieve plezier van vroeger. Maar ik ervoer ook weer dat surfen één van de meest frustrerende sporten ter wereld is.
Datum
11 oktober 2022
Auteur
Michiel van Gerven
Categorieën
  • Agile leiderschap
  • Agile transformatie
Organisatie als skatepark

Surfen vraagt nogal wat vaardigheden om het stadium van ‘beginneling’ te ontstijgen. Surfen vergt techniek, kracht en uithoudingsvermogen, maar de grootste uitdaging zit ‘m in het kunnen begrijpen en effectief gebruiken van je omgeving. De branding is een bijzonder complexe omgeving; een dynamisch samenspel van wind, golfslag en stroming. Tegelijkertijd moet je aandacht houden voor andere surfers (één surfer per golf!), andere watersporters én de -stille- regels op het water. En, last but not least, heb je je eigen verwachtingen en angsten te managen. Hoe leer je dit allemaal zonder er letterlijk en figuurlijk in te verzuipen? Nou, vooral door…. te surfen. Dat vraagt, zeker aan de Nederlandse kust, veel volharding. De meeste beginnende surfers zijn uren, dagen, maanden, zelfs jaren bezig om een paar seconden op die golf te kunnen rijden.

Leren surfen is als leren organiseren

Leren surfen lijkt opmerkelijk veel op leren organiseren in complexe organisaties. Het vraagt uiteenlopende kennis en (sociale) vaardigheden en de omstandigheden kunnen overweldigend zijn. Je ervaart ‘gevaar’; eigen fouten of acties van concurrenten kunnen grote gevolgen hebben. Je gebruikt verkeerde tools of goede tools verkeerd, en veel mensen wijzen jou daar op. Gevraagd en ongevraagd. Je begrijpt dat snel leren cruciaal is, maar merkt dat dat leerproces zwaar is, áls je al weet hoe je moet beginnen. Hoe fijn zou het dan zijn als je kunt leren manoeuvreren in een iets veiligere setting? Bijvoorbeeld niet op zee, maar op het droge? Dat kan zeker! Alleen heet het dan: skateboarding.

Misschien denk je nu: ‘Skateboarden? Ik houd liever mijn botten heel!’ Maar ik weet inmiddels uit eigen ervaring dat skateboarden echt een makkelijkere manier is om te leren je staande te houden onder ruwe omstandigheden. Ik ben het namelijk gaan dóen. Letterlijk, op een pl

ank met wieltjes in een skatepark. En figuurlijk, in mijn rol als Transformation Lead in complexe omgevingen.

Michiel van Gerven skateboarden

Hoe verander je de zee in een skatepark?

Hoe maak je van een organisatie en haar complexe context een goede, prettige leeromgeving? Antwoord: door voldoende pockets of learning te creëren. Dat zijn veilige omgevingen waarin je je uitgedaagd en vertrouwd voelt om nieuw gedrag en vaardigheden te leren. Niet alleen in fysieke of facilitaire zin, maar zeker ook psychologisch. Net zoals dat een skatepark uit meer bestaat dan een variëteit aan halfpipes, rails en ramps. Een goed skatepark lééft dankzij de gebruikers. Goede skateparks, en een goede leeromgeving in organisaties, kenmerken zich door aandacht en ruimte voor vijf elementen:

  1. Korte feedback loops
  2. Vrijheid in eigen risico
  3. Leren in eigen tempo
  4. Kracht van herhaling en variatie
  5. Cultuur van leren (vallen)

Ik zal deze factoren stuk voor stuk toelichten en ik illustreer deze graag met praktijkvoorbeelden van Marleen Groeneveld, Agile Coach bij Takeda Nederland. Ik legde haar mijn vergelijking voor van een lerende organisatie en een skateboard-park.

Marleen Groeneveld TakedaMarleen: “Nou, die gelijkenis zie ik wel! Ik voel me inderdaad een soort beheerder van ‘halfpipe’ Takeda, haha. Collega’s kloppen immers bij mij aan om te mogen oefenen in wendbaar werken. Ik zorg voor de faciliteiten; trek letterlijk een zaal leeg, maak bewegingsruimte en ondersteun in tooling om visueel te werken. Daarnaast bied ik mental support, ik ben hun mentor in ‘leren vallen’. Als bijvoorbeeld een retro niet lekker loopt, onderzoek ik met de scrummaster wat er nodig is om daar meer uit te halen.

En ik ben een bewaker van het agile gedachtengoed. Ik check of teams met de juiste instelling komen scrummen. Net als in een echt skatepark, moet je niet komen hangen voor enkel een cool imago. Hebben de productowner en de teamleden zich oprecht gecommitteerd? Komen ze echt iets nieuws proberen en ontwikkelen ze op basis van daadwerkelijk feedback? Stellen zij veiligheid voorop en dragen ze daarin bij met hun houding en gedrag? Uiteindelijk hebben ze daarin hun verantwoordelijkheid te nemen. Ik kan mensen wel een helm geven, maar ze moeten die nog altijd zelf opzetten.”

 

1.  Korte feedback loops

Het lichaam leert en onthoudt. Bij skateboarden krijg je extreem direct feedback. Waarschijnlijk lig je al op de grond wanneer je beseft dat je iets niet helemaal goed deed. Vallen doet pijn, maar het helpt wel. Omdat de feedbacklus zo kort is, kun je ook in versneld tempo leren wat wel werkt en wat niet. Bij surfen op water lig je na een fout ook direct naast je board, maar in het water doet dat minder pijn. Zo’n zachte landing voelt prettiger, maar verlengt wel je feedbacklus. Je stelt de leerervaring uit en daarmee verminder je het leerpotentieel. In het leren binnen organisaties is dat niet anders.

Marleen: “Steeds vaker melden teams zich bij mij omdat ze een nieuw concept of voorstel willen uitproberen in korte, gerichte sessies. Deze zogenoemde pressure cookers richten zich op het bouwen en testen van producten in bijzonder korte cycli. Meestal bestaat een snelkookpansessie uit vier sprints in slechts twee dagen. Na elke sprint is er direct een feedbackronde met échte stakeholders en klanten. Pressure cookers werken erg goed, bijvoorbeeld als kickstart van een groter project. Het helpt ons enorm als we in zeer korte tijd al kunnen ervaren hoe een idee valt en of een groter plan voldoende levensvatbaar is.”

 

2. Vrijheid in eigen risico

Skateparken zijn veilig. Echt waar. Ja, je kunt er vallen en dat kan ontzettend pijn doen. Maar het hóeft niet. Het hangt sterk af van het bewuste risico dat je al dan niet neemt. Je kiest zelf op welke plekken je gaat skaten en welke onderdelen je -voorlopig- negeert. Zo kun je je zelfvertrouwen trapsgewijs opbouwen. Daar waar het ongemakkelijk voelt, zal je jezelf soms moeten pushen, maar je uiteindelijk accepteer je per moment de risico’s die je aangaat.

Marleen: “Die bewuste afweging tussen iets nieuws proberen en risico nemen, herken ik wel. We hadden bijvoorbeeld een project dat we een behoorlijke tijd aanvlogen volgens de traditionele workflow. Het kabbelde voort, redelijk risicoloos, maar tegelijkertijd kwam er weinig van de grond. We maakten dit in ons team bespreekbaar en zo ontstond de gezamenlijke behoefte om het rigoureus anders te proberen. Korter, krachtiger en met een grotere kans op een confronterende uitkomst. We voelden echter ook dat, al zou dit project helemaal mislukken, we als organisatie niet perse slechter af zouden zijn. We wisten dan immers beter waarin we wel of geen waarde toevoegen voor onze klanten. En we leerden, zonder al te groot reëel risico, een nieuwe manier van werken. Uiteindelijk werd dit project een succes en dit gaf ons het vertrouwen om deze nieuwe manier van werken op nog meer gebieden toe te passen.”

3. Leren in eigen tempo

Het ligt in de lijn van het element ‘eigen risico’, maar ik noem het toch apart: op een skatepark kun je leren in je eigen tempo. Op zee, of in de omgeving van je organisatie, wordt jouw leertempo sterk bepaald door de steeds veranderende golven om je heen. Natuurlijk, de kunst is juist om je aan te kunnen passen aan die situaties. Wendbaarheid is key. Maar je leert die kunst beter en sneller te beheersen met een goede knowhow van functionele (meta)patronen. In een skatepark kun je deze patronen leren, in je eigen tempo. Scherpe wendingen of lome bochten, steile wanden of meer glooiend terrein; jíj kiest wanneer en hoevaak je een bepaald obstakel wilt oefenen, niet dat obstakel.

 

4. Kracht van herhaling en variatie

Met skateboarden kun je veel herhalen, rondje na rondje. Bij surfen is dat minder. Terwijl veel fundamentele bewegingen hetzelfde zijn; je wilt immers in beide sporten op een bewegende plank blijven staan. In een skatepark of bowl kun je een nieuwe manoeuvre makkelijk proberen totdat je ‘m onder de knie hebt. En daarna kun je dat herhalen totdat je bij die move niet meer hoeft na te denken. Vervolgens, op het water, merk je hoe die nieuwe automatismen je van pas komen. Je hoeft je immers niet meer te concentreren op het verandering van gewoonten, maar kunt je meer focussen op het kiezen van de juiste lijn in wisselende omstandigheden.
Naast de kracht van herhaling heb je ook de kracht van variatie. Een stabiele oefenomgeving, zoals een skatepark, maakt het makkelijker om zelf te variëren in hoe je een situatie benadert. Je kunt jezelf steeds resetten en dezelfde bult of bocht opnieuw aanvliegen vanuit een andere houding of beweging, om heel puur te ervaren welk effect dat heeft.

Marleen: “Oefenen vergt discipline. En scherpte. Dat geldt in de sport, dat geldt in wendbaar organiseren. Het scheelt als er dan coaches zijn die uitdagen om een tandje sneller te gaan of eens een andere move te proberen. Zo hadden wij eens een casus die op papier ideaal was om te scrummen; dat zagen we meteen, die ervaring hadden we wel. Maar we kregen agenda’s van de teamleden niet rond. Oeverloos gepraat over het aantal sprints, het gewenste ritme en continuïteit op lange termijn. Totdat Michiel opmerkte: Hoezo lange termijn? Waarom brengen we dit niet terug tot één week waarin het hele team full-time aan deze klus werkt? Heel eerlijk schrokken we enorm dat we die oplossing niet zelf hadden gezien; het lag zó voor de hand. Zo zie je dat ook nieuwe patronen zich té diep kunnen wortelen in onze manier van denken. En dan blijkt opnieuw de waarde van een frisse, onafhankelijke begeleider die dat zichtbaar maakt.”

5. Cultuur van leren (vallen)

Geen van de bovengenoemde elementen is mogelijk zonder een cultuur die dit ondersteunt. Wat dat betreft is de skateboard-wereld één van de gezondste culturen die ik ken. En dat bedoel ik niet eens metaforisch. Nog meer dan bij andere boardsporten, zijn mensen op een skatepark blij dat je er bent. Zo heb ik dat althans ervaren. Het doet er ook niet toe of ik een goede of slechte skateboarder ben. Want goed kunnen skateboarden maakt je niet perse een goede skateboarder. De waardering zit ‘m in het leren, in je streven. Of je een beginneling bent of een pro, je verdient respect voor je bereidheid om een ​​nieuwe truc te proberen. Steeds weer. Ook als je daarmee keihard op je bek gaat. Toeschouwers hebben bewondering voor je pogingen, beoefenaars hebben zowaar nog meer respect. Zij hebben het immers zelf ook doorgemaakt en weten wat het kost aan bloed, zweet en tranen.

Marleen: “Ik merk dat de cultuur bij ons verandert, dat het leren en vallen gewoner wordt. Ik betrap steeds meer collega’s erop dat zij tegen elkaar zeggen: deze brok werk is te groot, laten we het opknippen in kleine delen en daarmee experimenteren. Of dat ze toegeven dat ze te blind op aannames hebben gevaren: ‘Ik dácht te weten wat onze klant wil, maar nu de klant er daadwerkelijk bij betrek, ervaar ik dat anders.’ Het zijn van die blokkades die we steeds handiger, sneller en beter weten te nemen. En dat is cool.”

 

Hoe wendbaar is jouw organisatie?

Bij skateboarden verdien je je strepen met vallen. Vallen is cool. Maar voor veel bedrijven en instellingen is vooral níet-vallen de norm. Zij menen dat zij als organisatie en (dus) als individu daarop worden afgerekend door de buitenwereld. Vreemd, want diezelfde omgeving, de markt, het bedrijfslandschap zelf is zo complex, veranderlijk en onvoorspelbaar als de zee. Ga je als een betonblok in de branding liggen of leer je liever om op alle typen golven mee te kunnen surfen?

 

Organize Agile bouwt graag mee aan ‘skateparks’ binnen je organisatie om veiliger te leren vallen en te wenden in de wereld daarbuiten.

Michiel van Gerven

Transformation Lead